N(euro)otjes badkamerspreuk

Nee,  geen toverspreuk waarmee de badkamer simsalabim,  geheel vanzelf schoon is… Hoewel, als de gasten voor wie de spreuk uiteindelijk verzonnen is, deze ook netjes zouden toepassen, scheelt het N(euro)otje wel een hoop werk.

Het zit zo: er wordt veel gelogeerd in Huize Vrek. Allemaal prima, gezellig en geweldig. Maar de Vrekken zijn gewend om hun eigen nattigheid na het badderen zelf op te ruimen. Zo hoeft N(euro)otje niet met een droogdoek achter iedereen aan te lopen sloven. Ook de Vrekkenkinderen zijn zo opgevoed. Tot zover gaat alles goed.

Met gasten heb je verschillende badkamertypes: Zij die thuis precies zo zijn en dus bij een ander ook alles weer net zo netjes achterlaten zoals ze het aantroffen. Zij die het thuis niet doen en daar de hele boel aan de lucht laten drogen maar die zodra ze bij een ander zijn, prima blijken te weten dat het in een ander huishouden anders werkt en zich vervolgens keurig aanpassen. En zij die zich van niks en niemand wat aantrekken en zo uit het sop stappen om de rotzooi voor N(euro)otje te laten liggen.

N(euro)otje heeft er helaas de grootste moeite mee om iemand op het laatste aan te spreken en dweilt zuchtend de boel zelf droog. En toen bedacht ze iets. Je kent ze wel, spreuken en andere vermakelijke volkswijsheden op tegeltjes…. Ze bedacht er zelf één,  geïnspireerd door de oude ANWB-spreuken die je vroeger bij parkeerplaatsen aantrof, “Laat niet als dank na het aangenaam verpozen, de eigenaar van het bos de schillen en de dozen”.

Dus verzon ze de badkamervariant:

“Laat niet als dank na gebruik van douche of bad, de gastvrouw de rommel, het sop en al het nat”.

Misschien uitprinten, plastificeren (voor zero-plastic-week natuurlijk 😉 ) en op een duidelijk zichtbare plaats ophangen? Zo van, wie de schoen past, trekke hem aan? Of toch maar even diep ademhalen en die één of twee personen waar het om gaat eens tactvol aanspreken? Tips? Iemand…?

 

Advertenties