N(euro)otje en de zelfvoorziening

Eén van N(euro)otjes geliefde onderwerpen is zelfvoorziening. Ze leest graag het boek van John Seymour, over leven van het land. Ze weet wel dat ze nooit de volledige zelfvoorziening zal bereiken die ze zo graag wil maar het blijft geweldig om te proberen zelfvoorzienend te worden op tenminste een paar vlakken van het leven. En voor de rest lezen we wel over mensen die het wel gelukt is.

Zo willen we hier graag het hele jaar rond van de tuin eten. Daar komt nogal wat bij kijken omdat we hier in Nederland nu eenmaal vrij noordelijk zitten en we in de herfst al te weinig daglicht krijgen om nog gewassen te laten groeien. Maar het is wel mogelijk om winterharde gewassen voor die tijd al op te kweken en op de tuin te laten staan en daarbij veel van de zomergewassen te drogen, te wecken of in te vriezen zodat we toch de hele winter te eten hebben. Een kas geeft nog extra mogelijkheden door daarin gedurende de winter meerdere slasoorten te kweken. We zijn hier nog steeds in de testfase maar we hopen elk jaar een stapje verder te komen.

In de planning voor dit jaar staat:

  • de kas beter gebruiken. Tot nog toe wordt die voornamelijk gebruikt om sierplanten in potten vorstvrij te laten overwinteren. Heel leuk maar we vergeten daarbij dat we de grond kunnen blijven benutten door er flink wat sla in te zaaien voordat de winter invalt.
  • meer en meer fruit. Pas kocht N(euro)otje nog een paar zwarte-bessenstruiken. Die ontbraken nog. De miniboompjes die we vorig jaar geplant hebben zijn allemaal goed aangeslagen. We zijn nieuwsgierig naar hoeveel fruit die boompjes op kunnen gaan leveren. De oudere en grotere fruitbomen zijn vorig jaar goed gesnoeid en leverden al meer fruit dan ooit tevoren.
  • het stroomgebruik terugbrengen naar ongeveer 6000 kWh. Liefst minder! We hebben al een magnetron de deur uitgedragen en een koffiezetapparaat. De vaatwasser staat al een tijdje op non-actief. Het koken op inductie kost natuurlijk stroom maar N(euro)otje vindt het gelukkig leuk om met haar petroleumstelletjes te koken. In de zomer willen we zoveel mogelijk buiten gaan koken.
  • ook ons watergebruik zou nog naar beneden kunnen als we het eens voor elkaar krijgen de wc’s door te trekken met regenwater…
  • N(euro)otje wil graag het brood bakken weer oppakken. Zoveel brood eten we hier niet meer dus daar moet weer een gaatje voor te vinden zijn.
  • het bronwater laten testen. We gebruiken het nu alleen om de potplanten water te geven, de tuin te sproeien, auto’s schoon te maken enzovoort. Maar ons vermoeden is dat het water van goede kwaliteit is. Als dat zo is, kunnen we het ook voor consumptie gebruiken.
  • een zonneboiler…
  • zelf crèmes maken zoals calendulazalf
  • meer eten uit het wild
  • Man en Zoon zijn bezig met een grote vijver te maken. We willen graag visjes voor consumptie kweken. Zo niet, hebben we straks een natuurbad. Ook niet verkeerd misschien…

Tja, da’s nog heel wat. Maar voor alles geldt dat het een kwestie van beginnen is.

N(euro)otje is een ‘urban homesteader’

Als je op internet gaat zoeken naar de term ‘urban homesteading’, kom je onder andere de volgende definitie tegen:  “an urban homestead is a household that produces a significant part of the food, including produce and livestock, consumed by its residents. This is typically associated with residents’ desire to live in a more environmentally conscious manner.”

Ofwel een (stedelijk) huishouden dat een groot deel van het voedsel zelf produceert, inclusief (klein)vee om dat vervolgens zelf te gebruiken (op te eten). Dit hangt dan weer samen met de wens van de bewoners om op een meer milieuvriendelijke manier te leven.

Homesteading wordt ook wel  ‘a lifestyle of agrarian self-sufficiency ‘genoemd. Urban verwijst naar de stedelijke omgeving.

Een goede Nederlandse vertaling voor de termen homestead, urban homestead en urban homesteading bestaat nog niet maar de toevoeging ‘urban’ toont wel aan dat het niet direct noodzakelijk is om tussen de weilanden te wonen om een milieuvriendelijker leven te leiden.

Dat blijkt ook wel als je alle punten op een rijtje gaat zetten die doorgaans door de meeste urban homesteaders nagestreefd worden:

  • Het verlagen van het energieverbruik, indien mogelijk met behulp van zonnepanelen of andere alternatieve energiebronnen
  • Hergebruiken van regenwater en afvalwater van was, afwas en douchen/baden
  • Gebruiken van alternatieve verwarming door bijvoorbeeld het stoken op hout
  • Het drogen van de was aan de lijn
  • Gebruik maken van alternatief transport zoals de fiets of het openbaar vervoer
  • Het houden van dieren voor mest, eieren, zuivel en vlees, zoals kippen, konijnen, geiten, vissen of bijen
  • Zelf compost maken
  • Het kweken van groenten, fruit, kruiden
  • Hergebruiken, repareren en recyclen
  • Het eigen maken van back-to-basic-vaardigheden zoals zeep maken, kleding maken, kaarsen maken, brood bakken, jam maken etc.
  • Wecken, drogen, invriezen van voedsel, kaas maken etc.
  • Het gebruiken van voedsel uit het wild
  • Milievriendelijk (ver)bouwen

Veel van deze punten kun je ook toepassen als je in de stad woont met een niet zo grote tuin of een balkon.

N(euro)otje woont niet in de stad maar in een plattelandsdorp en heeft wel genoeg ruimte maar natuurlijk niet zoveel als een echt boerenbedrijf. Zij is dus een niet-stedelijke homesteader, zeg maar een bebouwde-kom-boerin. In het klein. Of zoiets… Toch houdt ze het er maar op dat waarschijnlijk de beste vertaling voor urban homesteader, stadsboer blijkt te zijn.

Tenzij iemand een beter idee heeft natuurlijk… :-)

N(euro)otje en haar lange weg naar zelfvoorziening

100 procent zelfvoorzienend leven is in deze tijd en in dit land niet mogelijk. Maar we doen graag ons best om er zoveel mogelijk in de buurt te komen. Eén van die manieren is te proberen onze groenten, fruit en kruiden bijna allemaal zelf te kweken. Tegen de winter gaat het altijd een beetje mis want dan moeten we toch weer groenten en fruit kopen omdat we a) wat we ‘s winters nog op de tuin hebben staan niet genoeg is om een hele winter mee door te komen en b) de totale oogst niet groot genoeg is om de hele winter van ingekuilde en geweckte groenten te kunnen leven. Verder hebben we kippen waarmee we bijna het jaar rond eieren hebben en zorgen we voor onze eigen compost door recycling van plantenmateriaal uit de tuin en groenten- en fruitafval.

Op het gebied van energie kunnen we kort zijn: we kunnen niet los van het energienet. Zonnepanelen en -boilers zijn vooralsnog te duur en ondanks het bezit van een complete verhandeling over het zelf bouwen van een windmolen, is het er nog niet van gekomen… Omdat we geen mogelijkheden hebben om eigen stroom op te wekken, doen we ons best om aan de andere kant van de lijn te besparen door steeds minder stroom van het net te gebruiken. Dit lukt momenteel aardig (zie het stukje over de meterstanden) maar we zijn er nog niet tevreden mee. Eén manier waarop we proberen ons stroomgebruik te verminderen is door apparaten die ter ziele gaan niet meer te vervangen. Zo droegen we hier al een wasdroger, een magnetron en een koffiezetapparaat de deur uit. Aangezien we ook voor het koken afhankelijk zijn van elektra (we koken op inductie),  zijn we voor het bereiden van de maaltijden regelmatig bezig met alternatieven. Hierbij  kun  je denken aan het koken op petroleumstellen (waar we goedkopere lampolie in doen), buiten koken en koken met een zonne-oven. Met die laatste hebben we al wat geëxperimenteerd maar nog niet tot tevredenheid dus daar gaan we dit seizoen mee verder. Ook zijn we zuinig met verlichting en vervangen bovendien iedere lamp die stuk gaat door een LED-lamp.

Om het gasverbruik in de hand te houden stoken we zoveel mogelijk op hout. Veel van dit hout is gratis afvalhout. Of we zagen een paar bomen om op eigen terrein… Heel soms kopen we een partij. Binnenshuis hebben we zoveel mogelijk geïsoleerd, bijna overal dubbelglas en we stoken voorzichtig.

Met water zijn we bijzonder zuinig, dit is in ons geval niet zo heel moeilijk omdat we een bron hebben. Tuin sproeien, auto afspoelen, het water hiervoor komt allemaal uit de grond. Gieters vullen we met water uit één van de regentonnen. De kranen en douchekoppen zijn waterbesparend en de wc’s hebben een knop voor een kleine en een knop voor een grote spoelbeurt. Bovendien douchen we geen van allen elke dag en we douchen zeer kort. Het hergebruiken van regenwater voor het doorspoelen van de wc’s is nog niet verder gekomen dan het klaar zetten van een emmer…

Zonder gemotoriseerd vervoer kunnen we helaas nog niet. N(euro)otje moet meer dan 50 kilometer reizen naar haar werk; dit is niet te fietsen en ook het OV is geen optie omdat we in een dorp wonen en geen ideale verbindingen hebben. Bovendien zou de reistijd per dag  zo’n drie uur worden, tegen net anderhalf uur met de auto. Daarom wordt er wel zoveel mogelijk gecarpoold. Als alle roosters mooi op elkaar aan sluiten, kunnen alle deelnemers aan de carpool hun kosten met een kwart tot één-derde reduceren.

Al met al doen we ons best maar we hebben dus nog een lange weg te gaan.

N(euro)otjes tuinplanning: dille, heel veel dille…

Ze zit te popelen om in de tuin aan de gang te gaan maar de grond is natuurlijk nog bevroren. Beetje jammer… De tuinplanning voor 2012 is rond. Altijd prettig om genoegzaam naar zo’n excelbestandje te kunnen kijken. N(euro)otje werkt met vaste beddenindelingen die ieder jaar rouleren. Op de bedden past ze combinatieteelt toe en de bedden draaien in een soort van teeltwisseling rond.

De planning is dus rond. Weer lekker tekeer gegaan met stamboontjes, droge bonen, schorseneren. kardoen en nog veel meer. We houden van variatie. Er verandert wel het een en ander. Zo gaan de tomaten voor het eerst naar buiten. Ze stonden altijd in de kas, kregen om ruimte te scheppen voor groenten zoals kousenband, een eigen kasje in de groententuin zelf dat vorig jaar kapot hagelde en in de herfst in de vuilcontainer belandde. Resultaat: geen tomatenoogst in 2011. Dit jaar dus voor het eerst naar buiten. Ze krijgen een luw plekje tussen de stambonen, eens zien wat dat gaat doen…

Zoals altijd weinig kolen. Te veel werk en frustratie. Jubelde ze vorig jaar nog dat de boerenkool die ze in de kas had staan geheel rupsvrij was, ze had beter haar mond kunnen houden want nog geen week later verloor ze de strijd tegen duizenden rupsen. Je begint ze met de hand eruit te plukken en in een emmertje te gooien zo onder het mom dat de kippen een feestmaal krijgen maar er is geen houden aan. Het waren hele rupsenkluiten. Kluiten van honderden rupsen. Waar ze ineens vandaan waren gekomen? Geen idee. Toch iets gemist blijkbaar…  De beesten eten sneller dan een mens plukken kan. Ook dit jaar vrijwel geen kolen dus… We proberen nog een beetje broccoli met heel veel dille ertussen. Eens zien of dat helpt. In de combinatieteelt wordt graag en veel met dille gewerkt en dan vooral tussen kolen. We gaan zoveel dille ertussen zetten dat de broccoli nauwelijks nog zichtbaar zal zijn. Als de vlinders het dan ook missen en onze broccoli rupsvrij op ons bord belandt, in plaats van zwaar beladen met rupsen in de kippenren, dan weten we wat ons volgend jaar te doen staat: een tuin vol dille met hier een daar groenten ertussen! :-)

N(euro)otje kijkt graag naar ‘It’s not easy being green’

De familie Strawbridge in Cornwall (UK) heeft het zelfvoorzienende leven omarmd en er een geweldig leuke tv-serie van gemaakt. Het was al een paar jaar geleden op televisie maar toen hebben wij het gemist natuurlijk… Wij zijn fervente kijkers van de herhalingen en we hopen dat er nog een paar seizoenen volgen.

De familie woont op een boerderij met veel grond, wekken stroom op met behulp van windmolentjes, zonnepanelen en zelfs een waterrad, leven voor een groot deel van de moestuin en fokken zelfs varkens voor het vlees. Inspirerend om te zien.

N(euro)otje gebruikt geen shampoo

Op een Amerikaanse site struikelde N(euro)otje een paar jaar geleden over de term ‘no-poo-experiment’. Het ging erover dat een groeiende groep mensen ervoor kiest om voor natuurlijke middelen te kiezen wanneer het over hun persoonlijke verzorging gaat, en in dit geval betreft dat dan specifiek het wassen van het haar. Dat doen ze zonder (sham)poo.

N(euro)otje had voor die tijd al eens op haar blog (bij weblog.nl dus hier helaas nog niet te linken…:-( ) geschreven over haar overpeinzingen betreffende het haren wassen in het verleden, voordat de commerciële shampoo werd uitgevonden, dus vond ze dit erg interessant.

Uiteindelijk begon ze zo’n anderhalf jaar geleden een beetje per ongeluk aan haar eigen ‘no-poo’-experiment. En het resultaat was verbluffend. Nu, anderhalf jaar later, gebruikt ze nog steeds geen shampoo en steeds meer mensen in haar omgeving, die ze erover vertelt, gaan het ook proberen.

Hoe het werkt?

Maak het haar nat. Doe een flinke theelepel of een kleine eetlepel zuiveringszout  in bijvoorbeeld een soepkom en vul dit met warm water (niet lauw of koud, dan werkt het niet…). Je ontdekt snel genoeg hoeveel voor jou genoeg is. Masseer dit rustig door het haar. Het water dat uit het haar drupt zal een beetje troebel zijn, dat is een teken dat het goed werkt… Goed uitspoelen met warm water en vervolgens naspoelen met lauwwarm water met een scheutje appelazijn. Gewone witte azijn kan ook, maar het moet gezegd, appelazijn is toch prettiger. Het lijkt wel of het haar er nog zachter van wordt. De azijn ook weer even uitspoelen, de haren voorzichtig drogen en klaar.

Het zuiveringszout ofwel natriumbicarbonaat, is te koop bij drogisterijen. Vraag naar een grotere verpakking dan scheelt het in de prijs. Hou er wel rekening mee dat dat speciaal besteld zal moeten worden. Probeer het anders bij een toko. En als je dicht bij de grens woont zoals wij, koop het bij de buren, daar is het nog veel goedkoper.

N(euro)otje zou ook wel eigen energie willen

Er is een nieuw initiatief in Nederland: de Windcentrale.

De Windcentrale splitst een windmolen in ‘Winddelen’. Mensen kunnen één of meerdere Winddelen kopen om daarmee in hun eigen energiebehoefte te voorzien. Je betaalt alleen voor het onderhoud, de stroom zelf is gratis en je bent minimaal 15 jaar gegarandeerd van groene stroom voor eigen gebruik.  Grootste voordeel is natuurlijk dat je ook een Winddeel kunt kopen als je op een flat woont ;-)

de Windcentrale, zo werkt het! from de Windcentrale on Vimeo.

Alleen is men er nog niet uit hoe dit opgelost wordt met de belasting. Immers, over energie betalen we belasting. Sterker nog, die belastingen maken het grootste deel uit van de energierekening. Wanneer je energie verkrijgt van zonnepanelen op je eigen dak, hoef je daar geen belasting over te betalen. Maar in het geval van een windmolen moet je nog wel belasting betalen, ook al betaal je niets voor de stroom zelf. Dus hopelijk wordt daar nog aan gesleuteld, het zou het kopen van een Winddeel nog aantrekkelijker maken.

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 50 other followers